Oever (2026)
Voor het Leger des Heils ontwikkelt Bart Lunenburg Oever: een serie houten wandsculpturen die vertrekken vanuit het idee dat gebouwen een geheugen dragen. In de Wallen is dat geheugen gelaagd, gebouwd op een nat en instabiel fundament dat de stad draagt.
De titel verwijst naar het water en het moeras waarop Amsterdam ontstond. Onder het gebouw schuilt een stille onderlaag van zorg en geschiedenis, die hier samenkomt met de sociale rol van het Leger des Heils. Op de Wallen kreeg dat werk een menselijk gezicht door Alida Bosshardt.
Lunenburg onderzoekt in zijn praktijk hoe architectuur fungeert als drager van tijd, ideologie en herinnering.