Dit is een verhaal van sœurité (zusterschap)
Het verhaal van verzetsleiders Agatha en Maria begint bij de opstand op plantage Santa Maria (Curaçao, 1716). Tientallen tot slaaf gemaakten bestormen het huis van de opzichter van de plantage (de factoor) en vermoorden hem, de ordehandhaver (de ruiter van de WIC) en zijn vrouw. De vrouw van de factoor vluchtte met haar kinderen en verklaart later dat ze een bebloede tot slaaf gemaakte het huis van Maria had zien binnengaan.
Maria zou uit wraak tot de moord op de factoor hebben aangezet, omdat deze verantwoordelijk was geweest voor de dood van haar vorige man. Zodra het nieuws van de gebeurtenissen Willemstad bereikt, word een klopjacht op touw gezet…
Hoe verhoudt het verhaal van Maria en Agatha (september 1716) zich tot het verhaal van de grote opstand van Tula en zijn manschappen in 1783?
Over Tula
Tula, ook wel “Rigaud” genoemd, was de leider van de grootste slavenopstand in de Nederlandse koloniale geschiedenis. Op 17 augustus 1795 leidde hij op plantage Knip, samen met zo’n 40 tot 50 tot slaafgemaakten, een vreedzame opstand om vrijheid te eisen. Zijn strijd werd een symbool van verzet en gerechtigheid. In 2010 werd hij uitgeroepen tot nationale held van Curaçao, en in 2023 werd hij in Nederland gerehabiliteerd als verzetsheld.