Dit artikel is in korte vorm verschenen in de Uitkrant

Tekst: Merel Spijkers

Met de aankondiging van de lockdown viel de grond weg onder de voeten van de theaters. Maar de creatieve sector deed zijn naam eer aan: al binnen twee weken explodeerde het aanbod van online voorstellingen, livestreams van concerten, digitale tentoonstellingen en zelfs drive-in theater. In een samenleving die steeds meer digitaliseert is het gemakkelijk om je publiek te bereiken. Nederland werd weer vermaakt, de geleegde agenda’s weer gevuld. 

Tot nu toe werd alles gratis online gezet. Hier en daar was wel een donatieknop, maar brood wordt er niet mee te verdiend. En ook nu er geen maximum meer aan het aantal mensen in de zaal is, redden veel podia en artiesten het niet met de helft bezoekers op afstand. En zo komen de podiumkunsten na drie maanden gratis vermaak onvermijdelijk voor de vraag te staan: is hier ook geld mee te verdienen? Het antwoord proberen ze te vinden in nieuwe verdienmodellen als Hometour en V-tickets.

Dansen in de woonkamer 

‘Ik zou best willen betalen om via een livestream naar een concert te kijken’ – luidt de subtiele tweet van Tim Hofman die Terence Huijgen direct enthousiast maakte. Met de vaardigheden om apps te ontwikkelen en een liefde voor cultuur, ging Huijgen direct aan de slag en ontwierp samen met zijn vriendin Lonneke Idema het platform Hometour. Via dit platform koop je een kaartje voor de livestream van een artiest, cabaretier of theatergezelschap. Voor een tientje krijg je een unieke link waarmee je de livestream in hoge kwaliteit kunt bekijken. ‘Omdat er natuurlijk veel beleving weg valt, richten we ons vooral op de interactie tussen de artiest en de kijker thuis: een interview vooraf, een stukje Q&A, kijkje achter de schermen. Normaal zien fans alleen maar het optreden, wij willen juist dingen laten zien die nieuw en nu online wel mogelijk zijn. Het motiveert je juist om een stapje verder te gaan.’ Bij de aftrap van Hometour, met rapper Akwasi in Bitterzoet, werd de artiest overspoeld door foto’s en filmpjes van fans die in pyjama op de bank aan het kijken waren of juist in stijlvolle outfits door heel de woonkamer aan het dansen waren. 

Maar zou Hometour ook nog méér kunnen bieden dan dat? Huijgen denkt van wel: hij ziet kansen om een grote groep mensen te bereiken die normaal gesproken niet naar een concert kunnen gaan omdat ze niet mobiel zijn. En dat biedt een extra verdienmodel voor de artiesten. ‘Waar streamingdiensten als Spotify en YouTube enkel bestaan uit een zendrelatie van de artiest, proberen wij de relatie te kweken tussen fan en artiest, waarbij zij elkaar aanvullen en meer naar elkaar toe trekken. Op lange termijn zal die vorm van intensieve interactie belangrijker worden om je album te promoten, en misschien heeft de fan van de toekomst zelfs ook invloed op albums.’

Virtuele verhalenvertellers

Die mening deelt ook Maaike Verberk, directeur van DEN, het landelijk kennisinstituut op gebied van cultuur en digitalisering. ‘Wij hebben altijd het standpunt gehad, ook vóór de coronacrisis, dat een digitale strategie waardevol kan zijn voor het voortbestaan van kunstinstellingen. Het toekomstige publiek leeft steeds meer digitaal. Daarnaast zijn er online meer mogelijkheden om ander publiek te bereiken.’ Wel benadrukt Verberk dat online optreden en communiceren anders is dan op een podium met een volle zaal. Het is belangrijk om na te gaan hoe online activiteiten en fysieke podiumkunsten elkaar versterken. In een zaal staan en samen beleven heeft een enorme meerwaarde, maar het is ook van belang dat mensen op afstand kennis kunnen nemen van de belangrijke verhalen die theatergezelschappen te vertellen hebben. 

Met verschillende technieken en producten kun je mensen meenemen in het verhaal. Dit doet onder andere het Internationaal Theater Amsterdam met een podcast die meer verdieping aan de voorstelling biedt door middel van interviews vooraf, extra context bij het thema of ingaan op wat de regisseur inspireerde.
Ook Roel Coppelmans is ervan overtuigd dat er juist meer vormen van theater gaan ontstaan. Coppelmans is theaterregisseur en oprichter van het Posttheater in Arnhem. Hij ziet toekomst in het live streamen van voorstellingen en vond de oplossing in de zogeheten grid-kijker, waarmee de mensen achter de schermen theaterregistraties konden bekijken. Deze al bestaande grid-kijker vormde hij om naar het V-ticket. Het V-ticket – dat staat voor zowel video als view als virtueel – is een ticket voor de livestream van een voorstelling die gespeeld wordt volgens de versoepelde maatregelingen. Ook hier is nagedacht over de beleving. Met een V-ticket kun je thuis in de huiskamer met meerdere personen een voorstelling bijwonen. Het lijkt daarbij of je in de zaal zit, aanwezigen zijn ook gefilmd alsof ze voor je zitten en vooraf zie je shots van het publiek dat de foyer binnenkomt, of van de artiesten voordat ze opkomen. Het aantal V-tickets blijft altijd beperkt tot de werkelijke capaciteit van de zaal. Zo heb je een exclusieve ervaring. Dit initiatief is niet alleen bedoeld voor zijn eigen theater, maar een overkoepelend nieuw ticket voor theaters door heel het land. ‘Het is belangrijk dat we samen onze markt redden. Alles wordt veel digitaler, theaters moeten daarom innoveren en verbreden. Deze crisis maakt duidelijk dat we onze samenleving anders moeten inrichten. Door samen te werken en sociale- en maatschappelijke aspecten als uitgangspunt hebben. Zo kun je in principe onbeperkt online tickets verkopen, maar de bedoeling van V-tickets is om dat juist niet te doen. Wanneer ik veel meer online tickets verkoop dan ik fysieke plekken in mijn zaal heb, concurreer ik andere podia weg. Het is daarom van belang dat podia, impressariaten en artiesten duidelijke afspraken maken.’ 

Tijd voor experimenteren

Moeten we dan massaal cultuur transformeren naar het online podium vol kansen? Dat ligt volgens Verberk iets gecompliceerder. ‘Het digitale kanaal heeft een enorme stroomversnelling gekregen. Dit is een mooie periode om te experimenteren online en om van deze reactie naar een strategie voor de langere termijn te gaan.’ Er zijn namelijk nog belangrijke kwesties om rekening mee te houden. ‘Zo zouden we nog beter moeten kijken wat voor mogelijkheden er allemaal zijn en welke verschillen er zijn in impact tussen online en fysieke voorstellingen. Maar we krijgen ook te maken met een veelvoud aan rechtenkwesties: mag je met meerdere personen kijken? (ja), op een groot scherm met een zal vol mensen? (nee) en mag je de voorstelling op je Facebook pagina plaatsen (nee). En is het mogelijk om ook alle rechthebbende te betalen van online opbrengsten? Bovendien hebben we misschien een heel andere samenstelling nodig van productiemiddelen en mensen: wat is er nodig om te zorgen dat het verhaal online goed over komt? En dat gaat gepaard met een enorme kostenpost en andere vaardigheden in de organisatie. ‘Het publiek is gewend dat online alles gratis is. Je hebt natuurlijk abonnement-modellen zoals Netflix, maar op het gebied van de podiumkunsten zijn er nog maar weinig betaalmodellen. Het verdienmodel zit in het live ervaren. Nieuwe verdienmodellen is iets wat echt nog ontwikkeld moet worden.’ 

Het toekomstscenario is en blijft voorlopig een scenario. Maar de beleving van een fysiek optreden of voorstelling online evenaren gaat een uitdaging worden. Betekent ‘naar het theater gaan’ in 2030 misschien dat we thuis onze VR-bril opzetten? Het zou zomaar kunnen.

De makers zelf over thuistheater:

Tony Millema, Theaterflix: ‘Ik had eerlijk gezegd niet verwacht dat door de coronacrisis veel theatergroepen hun optredens gratis online zou zetten. Vier jaar geleden heb ik het on-demand theaterplatform Theaterflix opgericht omdat ik het zonde vond om niets te doen met al die mooie videoregistraties van voorstellingen. Het is leuk om voorstellingen opnieuw te kunnen beleven en om een nieuw publiek te enthousiasmeren, maar ik ben niet van mening dat het ooit het echte kijken in de zaal zal kunnen gaan vervangen. Wel zie ik nu volop mogelijkheden voor de toekomst om een groter en nieuw theaterpubliek te bereiken en samenwerkingen aan te gaan.’  

Sven Ratzke, zanger: ‘Ik ben geen fan van de gratis livestreams. Voor Q-Factory heb ik een uitzondering gemaakt omdat ik daar een speciale band mee heb, ik heb daar veel gerepeteerd en opgetreden – het is ook bijna hun muziek. Ik denk niet dat een liveoptreden voor zowel het publiek als de artiest te digitaliseren is: dat moet je meemaken, daar moet je bij zijn, je moet de sfeer voelen en geïrriteerd raken omdat het zo druk is. Als artiest moeten we ons blijven vernieuwen, maar ik vind het belangrijk dat we niet alles opeens gratis online zetten. Kunst is niet voor niets.’

Bekijk hier het optreden van Sven Ratzke in de Q-Factory en houd sven-ratzke.com in de gaten voor komende optredens.

Guy Weizman, theaterproducent en artistiek leider Noord Nederlands Toneel (NNT): ‘Op de avond van de try-out van onze nieuwe theatervoorstelling Before/After hoorden we dat de productie niet meer doorging. Dat was een verschrikkelijke klap, net als bij alle anderen, maar dit hebben we omgedoopt tot een kans. We hadden al langer een plan liggen voor het integreren van een digitale omgeving in een voorstelling, maar ineens was er tijd en urgentie. We gingen bij onszelf na wat een theatrale ervaring is. Een registratie online zetten zie ik meer als een foto van een moment, leuk, maar niet zoals het moment zelf. In de digitale omgeving van de voorstelling werd de originele voorstelling vanuit het theater gespeeld, maar vond je in de digitale kamers video’s met meer verdiepingen en verschillende verhaallijnen. Ook was er een bar waar je mee kon praten over de voorstelling, met vrienden of met vreemden. Inclusief een origineel biertje van de voorstelling als je op tijd was met bestellen – alleen de bitterballen misten nog. Als de technologie mee ontwikkelt zie ik veel kansen, vooral ook in samenwerking met andere theatergezelschappen, podia en festivals. Er zijn nog haken en ogen, maar ik denk dat het onvermijdelijk is dat de culturele sector digitaler wordt.’

nitehotel.nl