Een woedende aanklacht tegen de politieke elite.

Het van woede doortrokken Wie heeft mijn vader vermoord is geschreven in de jij-vorm als een brief aan zijn vader. Louis vond de aanleiding hiervoor in een bezoek dat hij na enige afwezigheid aan zijn vader bracht, die hij bijna onherkenbaar terugvond. De man is vroegtijdig oud en ziek geworden, het gevolg van een leven dat werd getekend door alcohol, sociale achterstelling, zwaar werk en een bedrijfsongeval. Louis legt de oorzaak bij de elite voor wie politiek vooral een ‘esthetische kwestie’ is: zij doet aan politiek die zo goed als geen invloed op hun leven heeft. De onderklasse daarentegen gaat krom onder de bezuinigingen op uitkeringen.