Fakir

Het begon met een vliegend tapijt. In de Efteling. De elfjarige Abdelkader Benali keek zijn ogen uit. Het bestond! Een fakir die heen en weer vloog. Die tulpen uit de grond toverde. Een sprookjesfiguur uit Duizend-en-een-nacht. Voor het kind Abdelkader was deze fakir de Kalief van Nederland. Uit het Oosten gekomen om in Nederland voor de rest van zijn leven tussen twee paleisdeuren heen en weer te bewegen. Maar thuis wilde het tapijt niet vliegen. Waarom niet? Was zijn vader geen kalief? Waar was de magie van de Oriënt?