Bodil komt al haar hele leven in Paramaribo, de stad waar haar vader opgroeide. Ze bezocht zijn geboortehuis aan de Zwartenhovenbrugstraat ontelbare keren. Ze maakte kennis met de ongetrouwde tantes Gus en Pop, sliep onder één klamboe met haar neefjes en leerde haar norse opa, de apotheker R.L. de la Parra, doorgronden. In het huis kookten haar tantes de heerlijkste gerechten. Samen dansten ze op muziek van Lieve Hugo, terwijl ze beneden in ‘de winkel’ klanten te woord stonden. Maar in de nacht van 14 oktober 2012 brandde het huis, onder het toeziend oog van haar familie, tot de grond toe af. Het enige dat restte was de drempel. In één klap was meer dan een eeuw geschiedenis in rook opgegaan.