Drie generaties, drie premières

FORSYTHE
Pas/Parts (1999) was een van de laatste grootschalige balletten die Forsythe in Parijs creëerde. In 2016 paste hij het ballet aan voor San Francisco Ballet, omdat hij delen ‘onnodig modern’ achtte. Typerend zijn de witte belichting op het eveneens witte decor en de elektronische muziek van Thom Willems die verwijst naar Renaissancemuziek. Trio’s, duetten en solo’s wisselen elkaar af.

VAN MANEN
In 1993 zette meesterchoreograaf van eigen bodem, Hans van Manen, zijn Kleines Requiem op het derde en vierde stuk van Górecki's Kleines Requiem für eine Polka. De muziek is duister, mysterieus. Dansers rennen van de ene naar de andere kant van het toneel en terug, heen en weer. Er volgen enkele duetten, die dynamisch in elkaar overlopen, wat de choreografie een mild karakter geeft. De toon van het stuk is zowel somber als troostend; thema’s als afscheid, de dood en eenzaamheid passeren de revue. Decor en kostuums werden ontworpen door Van Manens vaste artistiek partner Keso Dekker.

ARQUÉS

Sinds 2017 is Arqués Young Creative Associate bij Het Nationale Ballet. Hij creëerde recent Homo Ludens voor het programma Made in Amsterdam (februari 2017) en Fingers in the air (2018) voor het programma In the Future van de Junior Company. Onlangs werd hij door het Duitse Tanz Magazine gekozen tot de meest veelbelovende choreograaf van 2017. William Turners beroemde schilderij The Burning of the Houses of Lords and Commons vormt de inspiratiebron voor Ignite, het nieuwe werk van Juanjo Arqués, dat hij creëerde voor Het Nationale Ballet in coproductie met Birmingham Royal Ballet. Turner gebruikte briljante kleurvlakken en variabele atmosferische effecten die grenzen aan abstractie. Op vergelijkbare wijze laat Arqués zich verleiden tot het maken van een werk dat een verhaal vertelt door de zintuigen aan te spreken. Muziek als canvas voor de choreografie, met bewegingen als penselen in verschillende kleuren.