Geschiedenis

In het begin van de 13de eeuw ontstond er een kleine nederzetting op de linkeroever van de Amstel, ter hoogte van de huidige Nieuwendijk. Het oudste Amsterdam was geen agrarische nederzetting. Er woonden ambachtslieden, zoals een smid en een wever. Rembrandt van Rijn uit Leiden, Joost van den Vondel uit Duitsland en Elsje Christiaans uit Denemarken. In de 17de eeuw belandden ze alle drie in Amsterdam. Ze waren niet de enigen die naar de stad kwamen. In de Gouden Eeuw groeide Amsterdam uit tot een van de belangrijkste steden van de wereld. De bevolking verdrievoudigde en de stad werd te klein. Daarom breidde Amsterdam uit en werd de beroemde grachtengordel aangelegd.