‘Oerbeeld’ van het aardse Paradijs

Wat zij daar aantrof bleek verre van paradijselijk. De plek wordt overspoeld door een niet-aflatende stroom toeristen die zich in groten getale door het landschap bewegen, zij het onwennig. Statisch, zonder opsmuk of overvloedige artistieke interventies, registreert de camera het ongemak en de verwijdering waarmee de moderne mens zich tot haar natuurlijke habitat verhoudt. Alleen of en masse ‘consumereren’ toeristen het landschap, als ware het een pretpark. Naarmate de film vordert raakt deze doordrongen van een beklemmende ondertoon. Het natuurschoon wordt decor van wat steeds meer gaat lijken op een apocalyptisch doemscenario.