Thema’s als identiteit en imagovorming staan centraal

De tentoonstelling brengt grote namen en nieuwe gezichten samen. Niet alleen de  portretten van Vincent van Gogh kun je bewonderen, er zijn werken van Edvard Munch, Gustave Courbet, Francis Bacon en Helene Schjerfbeck te zien. Daarnaast presenteert In the Picture werk van moderne en hedendaagse kunstenaars die zich lieten inspireren door de zelfportretten van Van Gogh.

Realiteit en fictie vermengd

In de loop van de 19de eeuw wordt het portret als genre steeds populairder. Daarbij is er een groeiende interesse in de kunstenaar als creatief genie. Dit betekent dat het portret van de kunstenaar zelf (het ‘kunstenaarsportret’) in de 19de eeuw een enorm populair subgenre wordt. Zelfportretten, portretten van kunstenaars onderling en atelierportretten zijn er in alle soorten en maten, maar hebben wel één duidelijke rode draad: het zijn (re)presentaties van de kunstenaar, waarbij realiteit en fictie met elkaar worden vermengd.

In the Picture staat uitvoerig stil bij de rol en betekenis van het kunstenaarsportret, toen en nu. De zelfportretten van Vincent van Gogh en portretten die van hem gemaakt zijn door zijn vrienden vormen de kern van de tentoonstelling. De bijzondere bruikleen van The Courtauld Gallery in Londen, Van Goghs Zelfportret met verbonden oor, speelt daarbij een hoofdrol.

Aan de hand van thema’s als imagovorming, zelfbeschouwing en de mythe van de lijdende kunstenaar wordt een uiteenlopende selectie getoond van kunstenaarsportretten uit de tweede helft van de 19de eeuw en de vroege 20ste eeuw. Lisa Smit, associate conservator Van Gogh Museum: ‘Het zou prachtig zijn als de bezoeker dankzij deze tentoonstelling begrijpt dat de kunstenaars van toen goed nadachten over hoe ze zichzelf presenteerden, én daarmee speelden. Net zoals wij dat nu doen op sociale media. Dat is van alle tijden.