23 witte linnen zakken gevuld met tarwekorrels

liggen op een baar. De omvang van de zakken staat voor het aantal slachtoffers; Joden per Europees land en homoseksuelen, gehandicapten, Roma en Sinti voor heel Europa. De zakken zijn voorzien van tekens: Joden werden in de meeste landen al voor deportatie verplicht tot het dragen van de gele Davidsster, in de kampen moesten homoseksuelen een roze, Roma en Sinti een donkerbruine driehoek dragen. Gehandicapten kregen geen teken want zij werden meteen vermoord.

Tarwe - symboliek

Van de ongeveer 700.000 tarwekorrels (1 korrel staat voor 10 mensenlevens) heeft de kunstenaar de meeste afgewogen; 119.700 korrels heeft zij met de hand geteld; 10.200 voor de Nederlandse Joden, 1.000 voor de homoseksuelen, 22.500 voor de gehandicapten en 86.000 voor de Roma en Sinti. Al van oudsher staan korenaren en in het bijzonder tarwe in westerse en Midden-Oosterse culturen voor hoop op een leven na de dood.