Herman van Veen 76 - Dat kun je wel zien dat is hij

"De voorstelling '76 - Dat kun je wel zien dat is hij’ zou een feestjaar worden, een vrolijk weerzien. We zouden, ik ben net zo oud als de gewapende vrede,  met u mijn vijfenzeventigste verjaardag vieren en vrij naar Chawwa Wijnberg zingen: Violen, anjelieren en een tas vol prei wat hebben we te vieren violen, anjelieren en een tas vol prei. Toen kwam dat wereldwijde virus en weken we uit naar huis en wuifden we naar kinderen voor ramen. Gingen we beetje voor beetje en toen toch maar weer niet weer wel naar buiten. Zingen, spelen voor een handvol durvers in de zalen en de zaaltjes. Tot ook dat niet meer mocht. 

Nu het weer wel met mate mag, komen wij alsnog naar u toe,  om het vieren in te halen.  Samen met Annemien Cnossen, Wieke Garcia, Kees Dijkstra en Edith Leerkes. We gaan elkaar toch zien. 
Kijk ernaar uit, Herman van Veen"   

Herman van Veen Herman van Veen (1945) groeide op in Utrecht waar hij ook het conservatorium bezocht. In 1965 maakte hij zijn theaterdebuut met het soloprogramma ‘Harlekijn’(Niemands knecht, niemands baas). Sindsdien reist hij met zijn voorstellingen de wereld rond. Van zijn hand verschenen tot op de dag van vandaag honderdtachtig cd’s, even zoveel boeken en zo’n vijfhonderd schilderijen.

Voor zowel zijn artistiek werk als zijn inzet voor projecten ten behoeve van vrede, veiligheid en verbondenheid is hij talloze malen onderscheiden. Zo is hij onder andere drager van het Verdienstkreuz am Band des Verdienstordens der Bundesrepublik Deutschland, Ridder in de Orde van Oranje Nassau en Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Herman heeft een Eredoctoraat aan de Vrije Universiteit Brussel,  is vader van vier kinderen, stiefvader van de weeseend Alfred Jodocus Kwak en grootvader van drie kleinkinderen.