Van Rossini’s Guillaume Tell tot achtervolgingsscène

Sjostakovitsj speelde als teenager piano in de bioscoop, als begeleider van stomme films. Honderden keren moet hij bij een achtervolgingsscène het marsje uit de ouverture tot Rossini’s Guillaume Tell, en bij verdriet Siegfrieds treurmars van Wagner hebben gespeeld. In zijn Vijftiende (en laatste) symfonie duiken die jeugdherinneringen ineens weer op. Fascinerend.