Dvoráks Achtste symfonie en Rusalka

Uit alles in de Achtste symfonie van Dvorák blijkt diens bewondering voor Johannes Brahms. Misschien zocht de Tsjechnet als Martinu het later, dáárom in de Nieuwe Wereld, waar zijn succesvolle Negende werd geboren. Op die weg had Dvorák gemakkelijk verder kunnen gaan. Maar hij besliste anders. Hij wilde net zo beroemd worden als zijn collega’s Verdi en Wagner. Dus stopte hij met het componeren van symfonieën en wierp zich met nieuwe energie op het schrijven van opera’s. Van zijn drie late opera’s heeft helaas slechts één zich enigszins in het grote repertoire kunnen handhaven: Rusalka. Het prachtwerk schreeuwde al meer dan een eeuw om een suite. Die bede werd verhoord door dirigent Manfred Honeck.