Het ritueel dat Stravinsky in zijn Sacre du Printemps toonzet is een jaarlijkse lentedans waarin een jonge vrouw zich letterlijk dood danst. Stravinsky componeerde zijn mijlpaal in de muziekgeschiedenis in 1913 in opdracht van Diaghilev, oprichter van de Ballets Russes. Stravinsky’s erfenis klinkt bij vlagen ook door in Poulencs Concerto voor twee piano’s en orkest. De Franse componist ging hiermee in zijn eigen woorden zijn ‘periode van groots componeren’ binnen. Voor de twee pianosolisten ligt de nadruk meer nog dan op techniek en virtuositeit op hun vaardigheden in samenspel. Aan dit drieluik uit de vroege 20e eeuw voegen drie compositiestudenten een suite toe waarin het fenomeen rituelen van verschillende kanten wordt belicht.