De Vijfde van Tsjaikovski

Nadat hij zijn Vierde symfonie in 1878 voltooid had, duurde het tien jaar voor Tsjaikovski weer een symfonie zou schrijven. Het was een productief decennium, dat wel. De opera Jevgeni Onegin zag het licht, evenals drie andere opera’s, en verder de Ouverture 1812, de Serenade voor strijkers, het Tweede pianoconcert, een pianotrio en het Cappriccio Italien. Toch voelde de eeuwig onzekere Tsjaikovski de noodzaak te bewijzen, ook aan zichzelf, dat hij nog niet was uitgecomponeerd. Aan zijn weldoenster Nadezhda von Meck bracht hij verslag uit van de vorderingen. ‘Het begin was moeilijk,’ schreef hij, ‘maar het lijkt erop dat ik niet al te erg heb geblunderd.’