Pablo Heras-Casado dirigeert Moesorgski’s meesteropera

Glinka mag dan als de grondlegger van de Russische nationale opera de geschiedenis zijn ingegaan, Boris Godoenov van Modest Moesorgski bepaalde uiteindelijk de richting van de Russische operatraditie. Invloeden van orthodoxe koormuziek en volksmuziek combineerde hij met een vocale stijl die grotendeels op het Russische spraakritme was gebaseerd.

Onontkoombare geschiedenis

Moesorgski ontwikkelde een epische operastijl, die zich in grootse historische tableaus ontrolt. De titelrol is een grote uitdaging voor een dramatische bas. Fjodor Sjaljapin maakte er furore mee aan het begin van de twintigste eeuw. Het tragische verhaal van tsaar Boris is een aangrijpend menselijk drama. Het laat zien hoe individuen vermalen worden door de haast onontkoombare loop van de geschiedenis. Uiteindelijk gaat hij ten onder aan intriges en schuldbesef. De ZaterdagMatinee brengt de herziene versie van de opera, die Moesorgski in 1872 voltooide. Belangrijkste toevoeging zijn de zogenaamde Poolse scènes, waarin de componist de grote vrouwenrol voor mezzosopraan, de Poolse prinses Marina Mniszek, toevoegde.