Goddelijke schoonheid en ondoorgrondelijke complexiteit

De laatste vijf strijkkwartetten van Beethoven: grensoverschrijdende werken die al tweehonderd jaar actueel zijn. De muziek is doordrongen van persoonlijke worstelingen en beweegt constant tussen ondoorgrondelijke complexiteit en goddelijke schoonheid. Zo herdefinieerde Beethoven met slechts vier stemmen de universele zeggingskracht van muziek. In Late Beethoven klinkt zes avonden om 22.30 uur een van deze kwartetten.

Beethovens zestiende en laatste strijkkwartet is de vreemde eend in de bijt. Kort, een warme toonsoort, redelijk klassiek qua vorm – al met al ogenschijnlijk licht verteerbaar. Maar dan doemen er in de partituur bij de eerste noten van het laatste deel historische woorden op: ‘Muss es sein? Es muss sein!’ Is dit een diep-filosofische overpeinzing van Beethoven in zijn laatste complete werk? Is die lichtheid schijn? Of is het toch gewoon een verwijzing naar een openstaande rekening?

Stevige forte-akkoorden in Es groot, een toonsoort die bij Beethoven staat voor heroïek en kracht. Zo begint dan ook het eerste van zijn late kwartetten. Een duidelijk statement, lijkt het. Maar in plaats van door te zetten keert Beethoven al snel in zichzelf – zo typerend voor die late kwartetten. Al met al een kwartet dat voor Beethoven uitzonderlijk zachtaardig is.