Klaus Mäkelä dirigeert De vuurvogel

De Finse dirigent Klaus Mäkelä verovert de internationale muziekpodia stormenderhand. Sinds zijn spetterende debuut in 2020 heeft het Concertgebouworkest hem al diverse malen teruggevraagd. Deze keer gaat hij het orkest voor in De vuurvogel, de kleurrijke balletmuziek die Igor Stravinsky’s definitieve doorbraak betekende. Na de première zou Serge Rachmaninoff hebben uitgeroepen: ‘Grote God! Wat een geniaal werk is dit! Dit is het ware Rusland!’ In plaats van de suite die meestal op de concertpodia klinkt, speelt het Concertgebouworkest de complete balletpartituur.

Raskatov, Ogrintchouk en Zinovjev

Vóór de pauze klinkt het gloednieuwe vijfdelige Hoboconcert van Alexander Raskatov, een van de meest succesvolle componisten van onze tijd, geschreven voor het Concertgebouworkest en zijn solohoboïst Alexei Ogrintchouk. Klaus Mäkelä opent het concert met een opwindend werk van zijn jonge landgenoot Sauli Zinovjev, Batteria. Hoewel geïnspireerd door recente historische gebeurtenissen op het wereldtoneel is het volgens de componist geen politiek statement, maar simpelweg een persoonlijk artistiek bericht ‘from one individual to another’.