Beethoven en Schubert

Zelf vond Beethoven hem prima gelukt (beter dan de 'Mondschein'), al is-ie zelden te horen: de Sonate nr. 24 in Fis. Doet het eerste deel al aan Schubert denken, het tweede bestaat uit allemaal kleine nootjes, razendsnel, in een adembenemende vaart. Geheel naar de eisen en de mogelijkheden van die tijd dus, behalve dan dat hier die nootjes geen omspelingen zijn, maar het hart van de muziek. Dat we Schubert eigenlijk geen dag kunnen missen blijkt overduidelijk uit zijn Vier Impromptus, D 935 (met de Rosamunde-variaties), waar hij tenslotte – na zijn dood – de wereld mee zou veroveren.

Chopin

Geen kerstrecital zonder Chopin! In het eerste concert de ontroerende, heel effectieve Berceuse en de voor een vrolijke opwinding zorgende Grande valse brillante. In het tweede concert klinken het verstilde Andante spianato en de briljante Grande Polonaise.