De opera na Andrea Chénier

Geen onbekende voor de Matineegangers: componist Umberto Giordano. Eerder klonk in Het Concertgebouw zijn bekendste werk, de revolutieopera Andrea Chénier. Dit seizoen is het de beurt aan die andere titel uit het romantisch-veristische repertoire van Giordano: Fedora. Het werk is gebaseerd op een toneelstuk van Victorien Sardou, de schrijver van Tosca. Beide toneelstukken waren bedoeld voor de actrice Sarah Bernhardt.

In de voetsporen van Bellincioni en Caruso

De veeleisende sopraanrol werd bij de première vertolkt door Gemma Bellincioni, die gespecialiseerd was in veristisch repertoire, zoals haar creatie van Santuzza in Cavalleria rusticana, maar zij zong eveneens de eerste Salome in Italië. De tenorrol van de moordenaar-geliefde Loris Ipanov werd voor het eerst gezongen door Enrico Caruso, die daarmee in 1898 zijn grote carrière lanceerde. De Matinee koos voor twee bijzondere solisten voor beide centrale rollen: de door Antonio Pappano ontdekte sopraan Lianna Haroutounian zingt Fedora, en Stefano La Colla vertolkt Loris Ipanov. Hij zong onder andere aan de Scala in Milaan.