Pierrot lunaire

In dit Close-upconcert voeren musici van het Concertgebouworkest onder meer Pierrot lunaire van Arnold Schönberg uit, een van de standaardwerken uit het modern-klassieke repertoire. Het werk heet eigenlijk Dreimal sieben Gedichte aus Albert Girauds Pierrot lunaire, gezet op de Duitse vertaling van de symbolistische gedichten. Schönberg liet Pierrots verhaal vertellen door een Sprechstimme (een zangtechniek die het midden houdt tussen spreken en zingen) en gebruikte fluiten, klarinetten, (alt)viool, cello en piano in kleurrijke combinaties. De componist omschreef zijn melodrama zelf als ‘licht, ironisch, satirisch’.

Leerlingen en mentor

De musici van het Concertgebouworkest laten Pierrot lunaire voorafgaan door werken van twee van Schönbergs leerlingen, die allebei uitgroeiden tot grote vernieuwers. Over de Amerikaan John Cage zei Schönberg niet voor niets: ‘U bent geen componist maar eerder een uitvinder’. Vandaag hoort u Bach in een jasje van Cage. Bach was van grote invloed op Schönberg en zijn Weense leerling Anton Webern, van wie het Strijktrio klinkt: een flipperkast van emoties en kleuren. Van de laat-romantische componist Alexander Zemlinsky, Schönbergs leraar, vriend en zwager, wordt het Kwartet voor klarinet en strijktrio uitgevoerd.