Bruckners ‘Romantische

Na een jaar noeste arbeid legt hij in november 1874 de ‘laatste hand’ aan zijn Vierde symfonie, een machtige brok van een kleine tweeduizend maten. Zijn inspiratiebronnen, en zelfs de ondertitel ‘Romantische’, verzwijgt hij om geen slapende honden wakker te maken. Hij sleutelt nog jaren om het werk te perfectioneren. En hij ‘bekent’ in 1880 over de finale: 'da weiß i selber nimmer mehr, was i dabei denkt hab' – waar het over gaat, dat weet ik zelf niet eens meer.

Bernard Haitink geeft zijn orkest ruimte

De lengte blijft voor sommigen een probleem. Een recensent noemt het werk een symfonische vierluik, waarvan elk deel afzonderlijk de dood van het orkest zou kunnen betekenen. Maar juist Bernard Haitink weet als geen ander hoe een dirigent een orkest – zijn orkest – kan laten spélen, de muziek kan laten ademen zonder overbodige ingrepen. Haitink kent deze muziek van binnenuit – net als het werk van Richard Strauss...