Water

Honderd jaar geleden was er op de plek waar nu Flevoland is, water, heel veel water: de Zuiderzee, een binnenlandse zee met hier en daar een eilandje, zoals Schokland en Urk. Eeuwenlang leefde men hier van en met de zee. De visserij was de belangrijkste bron van inkomsten, en langs de kust vond je verschillende havenstadjes en vissersdorpen. Maar de relatie tussen mens en zee was geen hele liefdevolle. Men wist maar al te goed: de zee geeft en de zee neemt. Overstromingen en stormen waren aan de orde van de dag en er werd doorlopend geprobeerd de Zuiderzee in toom te houden met dammen en dijken. 

Zuiderzeewerken

In de zeventiende eeuw kwam waterbouwkundig ingenieur Hendric Stevin al met het vooruitstrevende idee om de Zuiderzee te temmen. Het plan: een dijk leggen van de kop van Noord-Holland langs de Waddeneilanden naar de Groninger zeedijken. Het was een revolutionair idee, maar ook onuitvoerbaar. Het duurde nog bijna tweehonderd jaar voordat er plannen op tafel lagen die technisch en financieel uitvoerbaar waren. Ingenieur, waterbouwkundige en politicus Cornelis Lely ontwierp met zijn Zuiderzeewerken in 1891 het uiteindelijke concept voor de afsluiting van de Zuiderzee.

Maar ook nadat Lely zijn plan presenteerde werd er nog lang gediscussieerd over de risico’s, de problemen en de economische gevolgen voor bijvoorbeeld de vissersdorpen. De omslag kwam met de watersnood van 1916. Door de gevolgen van de watersnood rees het besef dat de gevaren van de zee niet genegeerd moesten worden. Het versnelde de plannen en op 14 juni 1918 was de Zuiderzeewet (Wet tot afsluiting en droogmaking van de Zuiderzee) eindelijk een feit. 

Flevoland

De Noordoostpolder zou de eerste echte IJsselmeerpolder worden. Het inpolderen begon in 1924, met de sluiting van de 2,5 kilometer lange Amsteldiepdijk tussen Noord-Holland en het eiland Wieringen. Op 3 oktober 1939 werd de dijk gesloten en Urk was eiland af. Daarna was de Afsluitdijk aan de beurt. Zo ontstond het IJsselmeer. Na de Noordoostpolder was Oostelijk Flevoland aan de beurt. 

Oorspronkelijk waren de nieuwe polders vooral, of zelfs uitsluitend, bedoeld als landbouwgrond, maar na de Tweede Wereldoorlog waren Noord- en Zuid-Holland zo druk geworden dat er nieuw land nodig was voor woningbouw en recreatie. De Oostelijke polder moest de overvolle Randstad gaan ontzien. Op 1 januari 1986 werd Flevoland – genoemd naar Lacus Flevo, zoals het water door de Romeinse geograaf Pomponius Mela in 44 na Christus werd genoemd – officieel de nieuwste en twaalfde provincie van Nederland. Koffieautomaat-feitje: het Zuiderzeeproject moest eigenlijk nóg een polder krijgen, de Markerwaard, maar die is er nooit gekomen.

Schokland 

Midden in de Noordoostpolder ligt Schokland, één van de voormalige Zuiderzee-eilandjes. Vanuit de verte kun je duidelijk zien dat het ooit een eiland was. Het kerkje steekt nog als een baken boven het nieuwe land uit en de oude waterkant is nog steeds zichtbaar. Het eiland is het eerste Unesco Werelderfgoedgebied van Nederland. Er zijn veel archeologische bodemschatten gevonden, die je kunt bewonderen in het Museum Schokland. 

Splinternieuwe steden

Moderne architectuur Almere

In de plannen voor het nieuwe land werden ook twee steden ingetekend. Almere werd op de eerste schetsen van Flevoland nog Zuidweststad genoemd, maar kreeg in de jaren zeventig de naam Almere, naar de middeleeuwse term voor de Zuiderzee (‘Almere’ is een Germaanse naam voor ‘groot meer’). De tentoonstelling Almere Boven toont oude luchtfoto’s van een nog lege polder naast recente beelden, genomen op exact dezelfde plaats. Samen bieden ze een unieke kijk op de snelle groei van Almere. Almere, nog steeds beschouwd als de jongste stad van Nederland, is een stad met ambitie. Het was een van de snelst groeiende steden van Europa en heeft nu een bevolking van ongeveer 211.000 inwoners, terwijl het ook groen en duurzaam weet te blijven. Omdat Almere zo nieuw is, zijn de gebouwen gebaseerd op de nieuwste innovaties in Nederlands design. Hou je van architectuur, maak dan zeker een wandel- of fietstocht om de architectuur en stedenbouw van deze stad te ontdekken. 

Lelystad, vernoemd naar de geestelijk vader van de Zuiderzeewerken, is vooral bekend vanwege de Batavia-werf, de thuisbasis van de Batavia, een replica op ware grootte van het beruchte VOC-koopvaardijschip. Net als Almere is Lelystad een bastion van moderne architectuur, waarbij water en waterwegen overal terugkomen in de architectuur. Ook het indrukwekkende omliggende polderlandschap en het populaire outletcenter Bataviastad trekken veel bezoekers naar Lelystad. 

Nieuw land 

Het waterige verleden van Flevoland zie je ook nog terug in de aangelegde natuur, met name in het natuurgebied Nationaal Park Nieuw Land. Het uitgestrekte natuurgebied tussen Lelystad en Almere bestaat uit 56 km2 beschermde moerassen en velden: de Lepelaarplassen, Marker Wadden, Oostvaardersplassen en het Markermeer. Perfect voor een wandeling of een dag vogels kijken, want dit gebied is een waar vogelparadijs, met als ultiem icoon de Zeearend. De arend was decennialang verdwenen uit Nederland, maar heeft zich in Nieuw Land opnieuw gevestigd. Naast de arend zijn er verschillende ganzen- en eendensoorten, roofvogels en trekvogels, waarvan sommigen jaarlijks duizenden kilometers afleggen over de Oost-Atlantische flyway. Maar er zijn hier niet alleen vogels, ook wilde herten, runderen, vossen, hazen en Konikpaarden noemen het park hun thuis. 

Marker Wadden is een natuurgebied dat nog in ontwikkeling is. Deze groep kleine eilanden, tussen Lelystad en Enkhuizen, is opgebouwd uit zand, klei en slib uit het Markermeer. Omdat nieuwe planten zowel onder als boven water bloeien, groeit het in rap tempo uit tot een natuurlijk paradijs voor vissen en vogels. Het eerste eiland van Marker Wadden, met een natuurhaven, wandelroutes, vogelkijkhutten en een strand, is al toegankelijk voor publiek. Te bereiken met je eigen boot, maar er vaart ook een veerboot.

Land art

Lelystad kunst zon

Nog zoiets unieks aan deze regio is de kunst die je er vindt, land art om precies te zijn. Het gebied herbergt negen epische kunstwerken midden in het landschap. De ontwerpen van internationaal gerenommeerde kunstenaars werden beïnvloed door de nieuwheid van het land en maken net zo zeer deel uit van het landschap als dat ze opvallen. De bekendste is Exposure, een 26 meter hoge stalen figuur die uitkijkt over het Markermeer en ook wel 'de poepende man'wordt genoemd. Met de auto kun je alle negen werken in een dag bekijken.