Tekst en foto: Alice Boothby

Paul Heymeijer (55) werkt bijna dertig jaar bij de ambulancedienst. Hij heeft veel meegemaakt, maar: ‘Ik kan niet zeggen dat ik alles heb gezien. Elk ongeval is anders.’ De handhaver, de parkwachter, de stratenveger: in elke Uitkrant kijken we mee met een stadsgenoot die de stad draaiende houdt.

Onder de motorkap Paul Heymeijer

Zo ziet mijn dag er uit

‘Soms begint mijn dienst om zeven uur, soms later in de middag. Ambulancediensten zijn standaard acht uur en mijn vaste standplaats is het BovenIJ ziekenhuis. Ik meld me altijd eerst bij de meldkamer. Vanaf dat moment weet je niet wanneer je eerste rit is en wat het precies is. Dat kan een dodelijk ongeluk zijn, maar ook een overplaatsing naar een ander ziekenhuis. Ik heb nog nooit meegemaakt dat ik een dag níet heb hoeven uitrijden. Ik heb een goede dag gehad als ik aan het eind van mijn dienst niet precies kan herinneren wat mijn eerste rit was. Dat klinkt misschien onpersoonlijk, maar wij proberen een situatie te overwinnen en nemen dan afstand. We vragen soms achteraf hoe het is afgelopen. Maar dat doen we vooral om te checken of onze diagnose klopte. Wanneer je je als ambulancemedewerker laat meevoeren door emoties, zit je over een jaar bellen te blazen op de bank.’

Dit maakt mijn werk uitdagend

‘Hoe gecompliceerder, hoe beter. Misschien gek, maar als je iemands leven kunt redden door te improviseren, is dat heel mooi.’

Dit vergeet ik nooit meer

‘Een casus in de Spaarndammerbuurt. Mijn collega en ik waren als eerst binnen, er was een kind door geweld om het leven gekomen. Ik kan dat moment eindeloos, van minuut tot minuut, tot in detail terughalen. Dat is niet goed.’

Tip voor de burgemeester

‘Hou de stad bereikbaar. Het lijkt erop dat er de laatste tijd overal rood-witte paaltjes staan, zoals bij de Blauwbrug. Wij moeten die stuk voor stuk met een sleutel eruit halen of omrijden. Dat kost tijd – en die tijd kunnen we onmogelijk missen.’

Onder de motorkap lees je elke maand in de Uitkrant

Bekijk ook hoe dag van verkeersregelaar Arthur Kratz eruit ziet in Onder de motorkap.