Eric Vaarzon Morel, Gijs Scholten van Aschat en Eric Vloeimans: drie Hollanders die zich op weg naar het zuiden begeven. Ze komen terecht in Spanje, Portugal en Brazilië en omarmen de taal en de muziek. Ze ontmoeten Lorca, de flamenco, duende, Pessoa, saudade en Drummond de Andrade, te veel om op één avond te vertellen. De een speelt op zijn flamencogitaar, een ander leest voor en de derde blaast hemelse tonen uit zijn trompet. En zo ontstaat een voorstelling vol speelplezier, met een passende titel. Want volgens Lorca staat ‘duende’ voor ‘de dionysische bezieling die bezitneemt van uitvoerenden’.