Dit artikel betreft de tentoonstelling 'De Oase van Matisse' die in 2015 in het Stedelijk Museum in Amsterdam te zien was. Bekijk de culturele agenda van I amsterdam voor de huidige tentoonstellingen in Amsterdam

Volg de grijze lijnen

Bij de grote De Oase van Matisse tentoonstelling koppelde het Stedelijk de creaties van de Franse meester aan werk van tijdgenoten, leermeesters en navolgers uit de vaste collectie. Je zag de ontwikkeling die Matisse als kunstenaar heeft doorgemaakt, in perspectief geplaatst met kunstwerken van andere beroemde schilders.

Onder meer Malevich, Mondriaan, Cézanne, Seurat, Kirchner, Picasso, Rothko, Van Gogh en Manet hangen zij aan zij met Matisse.

Om het zoekplaatje iets te vereenvoudigen waren in elke zaal de kunstwerken van Matisse voorzien van een verticale grijze lijn boven het schilderij. Een aanrader voor bijvoorbeeld de doorgaans rustige donderdagavond in het Stedelijk was de grijze lijnen route in de tentoonstelling volgen en daarmee een reis maken in de voetsporen van de kunstenaar en zijn ontwikkeling in stijlen. 

De Oase van Matisse - Stedelijk Museum Amsterdam

De stillevens van Matisse zijn te herkennen aan de grijze lijnen boven de werken.

Het spel der uitleen

In het eerste retrospectief van Henri Matisse in 60 jaar waren vrijwel alle grote werken van de Franse kunstenaar van over de hele wereld in het Stedelijk samen te bewonderen. Maar hoe krijgt het museum die wereldberoemde kunstwerken in bruikleen voor de tentoonstelling? Het betrof echte topstukken van onder meer het Museum of Modern Art in New York en Tate Modern in Londen. Het is eigenlijk vrij simpel: een soort ruilhandel. La perruche et la sirène (De parkiet en de zeemeermin, 1952-1953) uit de collectie van het Stedelijk is vóór deze expositie op rondreis geweest en vormde een van de hoogtepunten in Matisse tentoonstellingen in voornoemde musea.

Als tegenprestatie leenden deze musea hun Matisse werken op hun beurt weer uit aan het Stedelijk Museum.

Tijdens de renovatieperiode van het Stedelijk heeft het museum erg goede zaken gedaan op dit vlak. Aangezien er in eigen huis gedurende een langere periode geen tentoonstellingen plaatsvonden, heeft het museum genereus links en rechts topstukken uitgeleend. Dat heeft voor De Oase van Matisse zijn vruchten afgeworpen en ook voor tentoonstellingen in de toekomst kan het Stedelijk rekenen op bruiklenen van meesterwerken uit beroemde internationale musea.

De Oase van Matisse - Stedelijk Museum Amsterdam

Mondriaan (links) en Matisse (Zicht op Notre Dame, 1914): van beiden een abstracte kijk op Parijs waar ze destijds woonden.

Picasso & Matisse

Matisse schilderde in 1912 Nature Morte à la Corbeille d’Oranges, een stilleven met een mand vol sinaasappels. Vanuit Zuid-Frankrijk stuurde Matisse een kistje sinaasappels naar Picasso in Parijs toen deze ziek was, dit werd later een traditie voor de verjaardag van Picasso. Uiteindelijk wilde Matisse toen het schilderij weer te koop kwam het stuk zelf aanschaffen, maar hij bleek net te laat te zijn.

Niemand minder dan Picasso had het gekocht.

Matisse schijnt tranen van geluk te hebben gehuild. Waar beide grootmeesters vaak als rivalen werden gezien, stond hun vriendschap toch buiten kijf. Na het overlijden van Matisse heeft Picasso een jaar niet geschilderd. Uit eerbetoon maakte hij vervolgens een odalisk (exotisch, oosterse schone) en sprak hij de woorden “Toen Matisse stierf, liet hij mij als erfenis zijn Odalisken na”.

De Oase van Matisse - Stedelijk Museum Amsterdam

Nature Morte à la Corbeille d’Oranges - Henri Matisse (1912)

Knip knap

Henri Matisse gebruikte eerder in zijn carrière knipsels als hulpmiddel, om veranderingen in composities aan te kunnen brengen. Hij schoof met zijn uitgeknipte vormen, net zo lang tot hij de juiste compositie had gevonden. Als de kunstenaar dit had moeten doen door vlakken steeds opnieuw te schilderen was dit een behoorlijk tijdrovend proces geweest. Toen Matisse’ gebrekkige gezondheid hem in een rolstoel deed belanden, verruilde hij zijn kwast voor een schaar omdat hij niet langer meer lang achter elkaar kon staan schilderen. Zijn assistentes hielpen Matisse het papier te verven en speldden de door hem uitgeknipte figuren van gouache papier op zijn aanwijzingen aan de muur.

La perruche et la sirène is een van de grootste knipsels die hij gemaakt heeft en een sterk staaltje van de bloei die Matisse zo laat in zijn carrière nog doormaakte – hij was destijds de tachtig al gepasseerd.

Te midden van de karakteristieke algachtige bladeren van Matisse, verrijst een sierlijke zeemeermin, gadegeslagen door een stevige parkiet. In zijn knipkunst zijn naar het schijnt meer dan zeventien verschillende kleuren oranje te vinden; in dit dynamische werk alleen al zie je er zes. Er zijn in het kunstwerk ook geometrische vormen te ontdekken, namelijk twee driehoeken.

De Oase van Matisse - Stedelijk Museum Amsterdam

De bovenzaal van het Stedelijk Museum, precies zo ingericht als het atelier van Henri Matisse met 'La perruche et la sirène' als stralend middelpunt.

Caleidoscope

Daniel Buren maakte in 1976 voor het Stedelijk Caleidoscope en het werk was speciaal voor de tentoonstelling rond de historische trap in het museum geïnstalleerd. Het is een eerbetoon aan Matisse en bestaat uit 52 vullingen voor de ‘zwikken’ in de architectuur (driehoekige restvormen naast de ronde vormen boven de deuropening en voor de glazen vensters boven de oude entree).

De kunstenaar gebruikte precies dezelfde kleuren uit La perruche et la sirène, te weten: geel, lichtgroen, rood, paars, oranje, donkergroen en blauw.

Hij deed dit precies evenveel keer dat de kleur in het wereldberoemde knipsel van Matisse voorkomt (4 x geel, 4 x lichtgroen, 6 x rood, 6 x paars, 10 x oranje, 10 x donkergroen en 12 x blauw).

De Oase van Matisse - Stedelijk Museum Amsterdam

Caleidoscope - Daniel Buren (1976)

De tentoonstelling De Oase van Matisse was tot en met 16 augustus 2015 te zien in Amsterdam, bekijk de website van het Stedelijk Museum voor actuele tentoonstellingen.