'Maskerade' is een veelzijdige zomertentoonstelling: door de samenstelling, de activiteiten voor kinderen en z'n vorm. Er worden kunstwerken en voorwerpen van Cobra getoond uit de jaren '30 tot en met eind jaren '50, met het masker als thema. Daarnaast is er etnografica te zien, zes maskers uit een Deense Koninklijke privéverzameling, maskers uit het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika uit het Belgische Tervuren en enkele objecten uit de collectie van het Tropenmuseum Amsterdam. Het thema wordt omgeven met een selectie van werken uit de Cobracollectie.
Westerse kunstenaars kijken al sinds het einde van de 18e en het begin van de 19e eeuw naar primitieve, niet-westerse kunst en etnografica om inspiratie op te doen. Picasso maakte begin 1900 in Parijs kennis met primitieve kunst. Het resulteerde in zijn revolutionaire schilderij 'Les demoiselles d'Avignon' uit 1907. Bij Picasso en tijdgenoten was het masker een middel om de werkelijkheid te ontleden en te deconstrueren. Het primitieve als een bevestiging van het moderne. Ook voor Cobra is het masker belangrijk. De Deense Cobrakunstenaar Egill Jacobsen is een van de eersten die de expressieve kracht die van het masker uitgaat vertaalt in een nieuwe 'maskertaal'. De focus op het masker bestond bij de Nederlandse tak van Cobra vooral bij Corneille, Eugène Brands en Anton Rooskens.