Tijdens de Duitse bezetting was het verboden om op straat te fotograferen. Toch probeerden sommige fotografen de oorlogsomstandigheden vast te leggen. In de tentoonstelling 'Amsterdam door de lens van een clandestiene camera' geven foto's van amateurfotograaf Karel Bönnekamp (1914-2008) een bijzonder beeld van het leven in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting.
Bönnekamp fietste voor zijn verzetswerk door heel Amsterdam en maakte foto's van alles wat hem niet aanstond aan de Duitse bezetting. Uniek is dat hij is geslaagd om de jodenvervolging uitgebreid vast te leggen. Zijn foto's zijn daarom van grote historische waarde. Na de oorlog werden de foto's die professionele fotografen van de bezetting maakten bekend. De opnames van amateurs, zoals die van Bönnekamp, verdwenen in een kast tussen de familiekiekjes.
Bönnekamp verstopte zijn camera niet in bijvoorbeeld een tas, zoals andere fotografen deden, maar stelde zich verdekt op en maakte zijn foto's haastig. Zoals na de aanslag op het bevolkingsregister. Hij fotografeerde de ravage vanachter het raam van een café aan de overkant. Hij werd slechts één keer aangehouden toen hij de deportatie van een Joods gezin vastlegde. Hij kwam vrij doordat hij een aanvraagformulier om te mogen fotograferen bij zich droeg. Een aanvraag die hij overigens nooit heeft ingediend.