Maandag 12 september 2011 ontving EU-commissaris Neelie Kroes uit handen van burgemeester Van der Laan de Kennis & Innovatieagenda (KIA) van de Economic Development Board metropoolregio Amsterdam. Zij toonde zich blij verrast met de daadkracht die uit de agenda spreekt om de economische kracht van de regio te versterken.
Board-voorzitter Eberhard van der Laan vindt het een ontzettend goed idee om de triple helix - de gebundelde kracht van bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheid - met een concrete agenda handen en voeten te geven. “Als Europa zit u op eenzelfde lijn”, liet hij EU-commissaris Neelie Kroes weten. “Wij waarderen het enorm dat u onze agenda mee naar Brussel wilt nemen.”
Carolien Gehrels, wethouder Economische Zaken Amsterdam, is eveneens blij met het initiatief. “Dit betekent dat we als overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen vanaf nu daadwerkelijk gezamenlijk gaan werken aan het verstevigen van de positie van de metropoolregio Amsterdam binnen Europa.” Tijdens de presentatie onderschreef Neelie Kroes het belang hiervan. “Door op deze manier samen te werken hebben jullie straks een voorsprong. Dit wordt zeker gelezen in Brussel. De gekozen aanpak kan een voorbeeld zijn voor Europa.” De EU-commissaris ziet bovendien goede aanknopingspunten met de Europese digitale agenda die zij heeft gelanceerd. “Deze bevat een lijst met opdrachten voor bestuurders van de lidstaten en onszelf om ervoor te zorgen dat iedere Europeaan in 2013 digitaal kan zijn. We hebben echt dé werklijst gemaakt om de mindset van mensen te veranderen en overheden te bewegen daarin een rol te spelen.”
“Het gaat nu beginnen”, reageert een enthousiaste Age Fluitman tijdens de presentatie van de Kennis & Innovatieagenda. De voorzitter van de Amsterdamse Kamer van Koophandel noemt het fantastisch dat bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheid bij het versterken van de economische kracht van de metropoolregio Amsterdam gaan werken vanuit een gezamenlijke agenda. “Dit betekent dat de Board vanaf nu vaart kan zetten achter het realiseren van haar ambities. De agenda markeert de afsluiting van fase 1 die we de afgelopen periode hebben gebruikt om speerpunten te benoemen voor het versterken van ons economische klimaat. Met de presentatie van de agenda breekt een nieuwe fase aan, namelijk het daadwerkelijk gaan doen. De agenda bevat een schat aan concrete programma’s om gezamenlijk uitvoering aan te geven. De kracht van de formule die we nu in werking zetten is dat overheid, kennisinstellingen en bedrijfsleven op basis van een gemeenschappelijke innovatieagenda hun krachten bundelen. Daarbij is het bedrijfsleven goed aangehaakt via de clusters.”
René Smit, voorzitter College van Bestuur VU, onderschrijft de woorden van Age Fluitman. “Plannen maken kun je heel lang volhouden, maar hier gaat het erom concreet iets van de grond te krijgen. We willen met elkaar dingen gedaan krijgen die niet lukken als ieder voor zich hier niet sterk voor maakt. Ik geloof serieus dat de dynamiek die zich nu op Board-niveau manifesteert zich vertaalt in een sterkere economie van de metropoolregio.” Wat René Smit met name aanspreekt in de agenda is de clusteraanpak. “Dat geeft ons focus op de prioriteiten voor de korte en lange termijn. Daar moeten we nu keuzes in maken en concreet mee aan de slag gaan. Een goed voorbeeld daarvan is IT en Smart Cities, waar EU-commissaris Neelie Kroes met haar digitale agenda werk van maakt. Zij is speciaal naar Amsterdam gekomen omdat wij op dit gebied veel hebben liggen. Neelie Kroes heeft ons gestimuleerd om daar flink op door te pakken om Amsterdam te laten uitgroeien tot de excellente plek hiervoor in Europa. Dat vind ik inspirerend.”
De Kennis & Innovatieagenda bevat een breed scala aan vernieuwende en verbindende initiatieven voor de Amsterdamse metropoolregio. Door een gerichte inzet op de innovatiekracht van zeven sterke clusters wil de Board een schaalsprong in de regionale economie realiseren. Om het ‘verdienend vermogen’ van ons hele land te versterken, wil de Board bij het uitvoeren van de agenda samenwerken met de rijksoverheid en de andere sterke regio’s in Nederland. Ook investeert de Board in een goede wisselwerking tussen alle regionale beleidsagenda’s.
Marry deGaay Fortman, voorzitter VNO-NCW regio Amsterdam, noemt de agenda ambitieus in de goede zin van het woord. “Met zoveel kracht vanuit het bedrijfsleven, onderwijs en overheid is het goed om de lat hoog te leggen. Iedereen moet binnen dit platform over de eigen schaduw heen stappen om de economische kracht de regio daadwerkelijk te versterken. Dit is belangrijk om nieuwe mensen aan te trekken die willen werken aan innovaties, zowel in het onderwijs als in het bedrijfsleven. Te meer daar de kracht van de Amsterdamse regio van groot belang is voor de economie van de rest van het land.” Vanuit VNO-NCW roept zij op daadwerkelijk te gaan investeren in de zaken die nodig zijn om het bedrijfsleven te laten floreren. Ook het rijk moet zich dit volgens haar aantrekken. “Richting kabinet zal ik ventileren hoe belangrijk het is om een project als het dokmodel voor de Zuidas af te maken. Heel Nederland profiteert van dit soort investeringen''
Als concreet voorbeeld van de gezamenlijke kracht van de triple helix noemt René Smit het project voor toponderwijs. “Het bedrijfsleven heeft aangegeven te moeten vechten om het toptalent van de wereld binnen te halen. Het helpt als universiteiten hun opleidingen afstemmen op die urgente behoefte. Een eerste geslaagd initiatief hiertoe is de Duisenberg School of Finance. Die wordt in belangrijke mate door het bedrijfsleven gefinancierd. In een masterclass zitten inmiddels rond de honderd hele slimme studenten vanuit de hele wereld om straks op specifieke gebieden in onze financiële sector aan te stellen. Hetzelfde zou je moeten doen op andere voor onze regio belangrijke clusters zoals de logistiek en het toerisme. We moeten de beste mensen binnenhalen die bedrijven kunnen helpen om de opgaven voor morgen en overmorgen op te lossen.”
De leden van de Board zien de metropoolregio Amsterdam, als onderdeel van de Noordvleugel, samen met de regio’s rond Eindhoven en Rotterdam als de belangrijkste aanjagers van het economisch systeem van Nederland. Daarom investeert de Board in een goede afstemming van, en wisselwerking tussen alle regionale beleidsagenda’s en in een gezamenlijke uitvoering daarvan waar dat meerwaarde biedt. Amsterdam neemt als hoofdstad van Nederland het voortouw tot deze samenwerking.
Deze aanpak wordt ook ondersteund in de bedrijfslevenbrief van het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie. “Het voorstel ‘Metrocampus’ van de Economic Development Board Amsterdam en de topopleiding THNK in Amsterdam sluiten goed aan bij het voorstel voor het topconsortium. De wethouder Economische Zaken & Cultuur van Amsterdam heeft de Minister van ELI daarom aangeboden om samen te werken bij de ontwikkeling van het topconsortium. Daarbij ziet de metropoolregio Amsterdam goede kansen om samen op te trekken met de regio Eindhoven. Gezien dit aanbod verzoekt het Kabinet het topteam CI om samen met de metropoolregio Amsterdam het initiatief te nemen bij de ontwikkeling van het consortium. Het kabinet dringt daarbij aan op samenwerking met Eindhoven en eventueel andere creatieve regio’s.''
De Board heeft in de agenda de volgende topprioriteiten opgenomen om op korte termijn te realiseren:
De ontwikkeling van de Metro Campus;
Het aanjagen van product- en procesinnovaties met behulp van Open Data;
De realisatie van het VUmc Imaging Center;
Het positioneren van de metropoolregio Amsterdam als eerste World Smart Capital in 2012-2013;
Realisatie van een gemeenschappelijk en sterk Innovatiecentrum metropoolregio Amsterdam;
Het versterken van het toponderwijs in de regio;
Green Life Sciences Hub: vormgeven van de samenwerking tussen bedrijven en wetenschap;
Seamless Connections: verder optimaliseren van de logistieke keten door toepassing van ICT;
e-Tourism: het blijvend binden van (zakelijke) toeristen aan Amsterdam;
Een dakfonds voor onder andere:
Een proof of concept-fund voor valorisatie;
Life Sciences Fund Amsterdam II;
Amsterdam Metropolitan Scholarschip Fund.