Heineken

In 1890 kocht de Woning Maatschappij het terrein van een voormalige glasblazerij aan de Amsteldijk. Deze particuliere instelling had de gezonde huisvesting van arbeiders tot doel. Directeur was Gerard Adrianus Heineken, eigenaar van de inmiddels wereldberoemde bierbrouwerij. De grond was destijds onderdeel van de gemeente Nieuwer-Amstel en daarom voordelig geprijsd.

De Diamantstraat met de huisjes, op de achtergrond Diamantslijperij Asscher.

Neorenaissance

De maatschappij liet drie brede straten aanleggen en 82 arbeidershuisjes bouwen. A.L. van Gendt ontwierp de woningen in neorenaissance stijl, te herkennen aan de gele baksteendetaillering rond de vensters en de decoraties rond de dakkapellen. Tussen de lage huizen met een begane grond en een zolderverdieping staan korte rijtjes huizen van twee verdiepingen.

De gele baksteendecoratie rond ramen en dakkapellen is nog steeds zichtbaar, 2005.

De Nieuwe Pijp

Vijf jaar na de bouw van de woningen annexeerde Amsterdam grote delen van Nieuwer-Amstel en verschoof de gemeentegrens een kilometer naar het zuiden. Zo kwam deze buurt in Amsterdamse handen en werd zij omgeven door veel hogere, stedelijke bebouwing.

Ook in de Lutmastraat stonden de karakteristieke huisjes.

Joodse bewoners

In 1907 werd diamantslijperij Asscher gebouwd. Sindsdien waren onder de bewoners van de huisjes ook joodse arbeiders van deze fabriek. Joden mochten geen lid worden van een gilde en konden daarom geen traditionele ambachten uitoefenen. Het beroep diamantslijper viel niet onder een gilde, zodat zij zich hierin wel konden specialiseren. Tegenwoordig zijn de overgebleven huizen particulier bezit.