Bioscopen

Een bezoek aan de bioscoop was tot ver na de Tweede Wereldoorlog een populair avondje uit - er was immers nog geen concurrentie van de televisie. Hierdoor ontstond er steeds meer behoefte aan bioscoopgebouwen. Vooral tussen 1920 en 1930 werden in Amsterdam veel bioscopen gebouwd. Ze kregen vaak een opvallend uiterlijk, dat moest aansluiten bij de fantasiewereld die achter hun deuren schuilging.

 

Zicht op voorzijde Ceintuurtheater, 1981

Beton

Opvallend was ook de architectuur van het Ceintuurtheater, met haar expressionistische vormen en details. Links en rechts van de ingang bevinden zich smeedijzeren lampen met de woorden ‘Ceintuur’ en ‘Theater’. Bijzonder is ook het gebruik van gewapend beton. Hierdoor was niet alleen de bijzondere detaillering van de façade mogelijk, maar het balkon in de bioscoopzaal hoefde ook niet ondersteund te worden door zuilen, die het zicht konden belemmeren.

 

Dichtgetimmerde deuren van het Ceintuurtheater, 1981

Willem Noorlander

De Amsterdamse architect Willem Noorlander (1877-1940) bouwde behalve het Ceintuurtheater nog meer bioscooptheaters, zoals de in rode baksteen opgetrokken bioscoop Astoria aan het Mosplein in Amsterdam-Noord, en het Rembrandt Theater aan het Rembrandtplein. Dit laatste gebouw ging in 1943 in vlammen op. Het Ceintuurtheater werd geprezen om zijn krachtige architectuur en ook om het onbelemmerd zicht op het witte doek – ongeacht de grote dameshoeden.

 

Zicht op voorzijde van het voormalige Ceintuurtheater, 1999