Industrialisatie

De Koninklijke Asscher Diamant Maatschappij werd in 1854 opgericht, een tijd waarin het slijpen van ruwe stenen tot schitterende diamanten steeds vaker gebeurde met door stoomkracht aangedreven slijpstenen. Tijdens deze bloeiperiode van de Amsterdamse diamantindustrie verrezen talrijke grote fabriekshallen voor het kloven en slijpen van de diamanten.

Het gebouw van de diamantslijperij van de Fa. I.J. Asscher in de Tolstraat.

’s Werelds grootste diamanten

Kort na de bouw van de nieuwe diamantslijperij kreeg Asscher van de Engelse koning de pretentieuze opdracht om de grootste diamant ooit gevonden, de Cullinan, te kloven tot de twee grootste diamanten ter wereld. Ze zijn verwerkt in de Britse kroonjuwelen: de Imperial State Crown en de Imperial Scepter, beide te zien in The Tower in Londen.

Interieur van de diamantslijperij van de Fa. I.J. Asscher ca. 1930. Foto: Vereenigde Fotobureau N.V.

Joodse ambacht

Op haar hoogtepunt bood Asscher plaats aan 300 veelal joodse werknemers. Zij woonden in de buurt van de fabriek, waar namen zoals de Diamant-, Saffier- en Smaragdstraat nog naar verwijzen. Abraham Asscher was actief voor een groot aantal joodse organisaties. In 1941 vond de eerste vergadering van de Joodse Raad plaats in Asschers kantoor aan de Tolstraat.

Op de linkervleugel prijkt nog steeds de naam van de firma Asscher, 1978

Nieuwe functie

Het bedrijf Asscher houdt nog steeds kantoor in de zijvleugel van het gebouw, maar diamanten worden hier niet meer geslepen. Op initiatief van de Stichting Amsterdam Photo is de rest van de voormalige fabriek herbestemd tot ‘Cultuurhuis Diamantslijperij’.