Rembrandt van Rijn (1606–1669)

Rembrandt van Rijn wordt algemeen beschouwd als een van de allergrootste schilders in de geschiedenis. Hij kwam uit Leiden, waar zijn carriere aanvankelijk parallel liep met de schilder Jan Lievens (1607-1674). Beide schilders hadden korte tijd onderricht gekregen van de Amsterdamse schilder Pieter Lastman (1583-1633) en het is mogelijk dat ze hetzelfde atelier deelden. In 1631 verhuisde Rembrandt echter naar Amsterdam. In 1635 betrok hij met zijn jonge vrouw Saskia van Uylenburgh een huurhuis in de Nieuwe Doelenstraat, op de plek waar nu café De Jaren is. Het pand was eigendom van de rijke advocaat Willem Boreel. Hier werd Rembrandts eerste kind Rombertus geboren. Het jongetje werd echter maar twee maanden oud. Ook twee later geboren kinderen stierven in de wieg. In 1639 kocht Rembrandt een huis in de deftige Jodenbreestraat, het huidige Rembrandthuis. Daar werd twee jaar later zijn zoon Titus geboren. Het jaar daarop overleed Saskia. Aan de Jodenbreestraat beleefde Rembrandt zijn glorietijd – hij schilderde er bijvoorbeeld De Nachtwacht –, maar hij raakte er ook in financiële problemen. Uiteindelijk moest Rembrandt in 1656 faillissement aanvragen. Zijn bezittingen werden verkocht en hij verhuisde naar een bescheiden woning aan de Rozengracht, waar hij ten slotte op 4 oktober 1669 overleed.

 

Rembrandt ging op 10 juni 1634 in ondertrouw met Saskia van Uylenburgh. Foto: Stadsarchief Amsterdam.