Amsterdamse School

In 2016 is het 100 jaar geleden dat er in Amsterdam veel gebouwd werd in de expressieve baksteenarchitectuur dat bekend staat als Amsterdamse school. Deze stroming is bedacht door jonge designers, artistiekelingen en architecten die de vastgestelde orde wilden veranderen en de maatschappij opnieuw wilden vormgeven. De stroming kom voort uit expressionistische architectuur, elementen van de Jugenstil (Art Nouveau) en Art Deco design.

Zes organisaties organiseren in 2016 het jaar van de Amsterdamse School om het honderdjarige bestaan van de stroming te vieren. De organisaties zijn Museum Het Schip, Stedelijk Museum. Architectuur Centrum Amsterdam (ARCAM), Grand Hotel Amrâth, Monumenten en Archeologie en het Stadsarchief.

In het kader van 100 jaar Amsterdamse School opent Museum Het Schip in maart een indrukwekkende uitbreiding van het museum. Het Stedelijk Museum heeft van 9 april tot 4 september 2016 een tentoonstelling over het leven in de Amsterdamse School van 19010 tot 1930. Ook zal er speciale bus- en wandelroute zijn in de stad langs een aantal hoogtepunten van de stroming.

Het ontstaan van de Amsterdamse School

De Amsterdamse School ontstond in het kantoor van de architect Eduard Cuypers, maar hij was zelf niet de bedenker van de stroming. Deze stroming is bedacht door jonge designers, artistiekelingen en architecten die in het begin van de 20e eeuw de vastgestelde orde wilden veranderen en de maatschappij opnieuw wilden vormgeven. Dit zorgde voor een explosie van creativiteit. De stroming die hieruit vloeide kreeg de trotse naam ‘Amsterdamse School’.

In 1911 werd Johan van der Mey aangewezen als de eerste “esthetische adviseur”. Hij kreeg de opdracht om het Scheepvaarthuis te ontwerpen. Dit gebouw zou het hoofdkantoor worden van de zes grootste rederijen. Van der Mey had Michel de Klerk en Piet Kramer geworven om samen te werken aan dit project. Samen maakten zij een van de mooiste voorbeelden van de Amsterdamse School. Het eerste gedeelte van het Scheepvaarthuis opende in 1916, tegenwoordig zit daar Grand Hotel Amrâth.

De Klerk, Van der Mey en Kramer wilden met de Amsterdamse School breken van de traditionele architectuur. Kenmerken van de stroming zijn het gebruik van bakstenen voor structuur en design, het afronden van het metselwerk, de ijzeren accenten, torens en de laddervensters. In de Amsterdamse Rivierenbuurt zijn er veel voorbeelden van de stijl te vinden.

Een ander goed voorbeeld van Amsterdamse School is museum Het Schip. Het gebouw is ontworpen door Michel de Klerk in 1919. Het gebouw bestaat uit 102 flats voor arbeidersfamilies, een ontmoetingsplek en een postkantoor. Nu is het gebouw een museum gewijd aan de Amsterdamse School beweging.