Twee decennia Ethiopische geschiedenis trekken voorbij aan de ogen van hoofdpersonage Anberber, een linkse intellectueel die in de jaren zeventig, na zijn studie geneeskunde in Duitsland, terugkeert naar Ethiopië. Hij is vol goede bedoelingen, maar wordt al snel door alle politieke strubbelingen in zijn land geconfronteerd met de teloorgang van menselijke waarden. Op pijnlijke wijze komt hij tot de ontdekking dat zijn linkse idealen haaks staan op de realiteit van Ethiopië. Nadat keizer Haile Selassie in 1974 het veld heeft moeten ruimen, grijpt de marxistische dictator Mengistu de macht, wat een bloedige burgeroorlog tot gevolg heeft. Samen met zijn studievriend en landgenoot Tesfaye begint Anberber een medische kliniek met de bedoeling zo veel mogelijk levens te redden, maar hij staat machteloos tegenover al het geweld. Ondertussen duren de klopjachten op dissidenten voort.